Waarom IPv6?

Het ondersteunen en actief aanbieden van IPv6 wordt steeds noodzakelijker. RIPE, de partij die vrije IPv4-adressen uitgeeft aan providers die vervolgens aan eindklanten verstrekt kunnen worden, heeft inmiddels geen adressen meer om uit te geven. Simpel gezegd: de IPv4-adressen van RIPE zijn op, en RIPE is niet de enige partij waar dit het geval is. Dit heeft, naast technische gevolgen, financiële gevolgen voor bedrijven die internet connectivity aanbieden of afnemen.

Business model

Nog niet zo heel lang geleden leverde het gebruik van IPv6 financieel weinig op en kostte het gebruik van IPv4 eveneens relatief weinig, zeker voor de eindgebruiker maar ook voor de provider zelf. Voor de invoering van IPv6 als nieuwe standaard betekende dit een probleem: de urgentie ontbrak simpelweg. Het vervangen van IPv4 door IPv6 als mondiale standaard verliep derhalve traag en met de nodige tegenzin. Dat de implementatie van IPv6 voor veel organisaties niet ingewikkeld hoeft te zijn deed daar niet aan af. Deze status quo is echter steeds minder houdbaar. De verhouding tussen wat IPv6 oplevert en wat IPv4 kost is aan het veranderen en die verandering is onomkeerbaar. Het gebruik van en het aanbieden van IPv4 wordt daarom enkel duurder.

Kosten stijgen

Maar hoe zit dat precies? Ieder apparaat dat bereikbaar moet zijn op het internet heeft een eigen, uniek, IP-adres nodig. De meeste providers boden daar standaard een IPv4-adres voor aan. Afnemers, bijvoorbeeld bedrijven, kregen daarom van hun provider een of meerdere IPv4-adressen. Deze zijn echter, zoals gezegd, op. Het probleem is dat IPv6 nog onvoldoende globaal gebruikt en ondersteund wordt, waardoor het gebruik van IPv4 een noodzaak blijft. Providers zullen derhalve toch IPv4-adressen moeten blijven uitgeven, maar de kosten daarvoor – adressen worden immers enkel schaarser – gaan doorberekend worden aan de klant. Het hosten van een dienst op enkel een IPv4-adres kan zo een paar euro per maand (of, in de toekomst, meer) duurder worden.

IPv6 only. Gaat dat gebeuren?

Absoluut. De omschakeling naar IPv6 zal gemaakt moeten worden, vroeg of laat. In China en India, Zuid-Korea en Vietnam en ook in Nederland wordt hard aan de weg gewerkt. In deze landen hebben mobiele operators hun gebruikers op IPv6-only verbindingen gezet. Omdat steeds meer diensten via IPv6 bereikbaar zijn wordt een IPv6-only infrastructuur  ook steeds aantrekkelijker. Mobiele operators gebruiken nu NAT (Network Address Translation) om meerdere gebruikers achter een IPv4-adres te kunnen aansluiten op het internet. NAT vereist echter een vertaalslag, die zowel financieel als technisch kostbaar is. Bij IPv6 is die vertaalslag niet nodig, behalve voor diensten die alleen maar via IPv4 bereikbaar zijn. Hoe meer diensten via IPv6 te benaderen zijn, hoe beter, daarom.

Minder administratieve last en complexiteit

Wanneer meer diensten via IPv6 geleverd worden wordt het voor providers die internettoegang leveren ook steeds interessanter om dit via IPv6 te doen. Hun netwerk wordt minder complex en kost minder resources, want er is geen vertaalslag meer nodig. IPv4 kan na omzetting opgeruimd worden en voor het resterende verkeer kan IPv6-to-IPv4 gateway gebruikt kan worden. De toekomst is daarom voor IPv6.